De Week van de Toegankelijkheid gebruikt cookies voor Google Analytics en het onthouden van instellingen als contrast en lettergrootte.

Ja, ga verder

Liny Coenen: “Ik kijk naar wat mensen wél kunnen”

“Te weinig vrijwilligers? Zoek en kijk anders”

“Ik ben oma. Stel, ik kom bij een speeltuin en één van mijn kleinkinderen zou er niet in kunnen. Dat zou toch vreselijk zijn!” vertelt Liny Coenen, voorzitter van speeltuin De Roetsj uit Sittard.

“Kinderen met en zonder beperking moeten samen kunnen spelen. Daarom ben ik zo enthousiast over de Speeltuinbende van de NSGK. Daar gaan kinderen met en zonder beperkingen samen kijken wat ze wel en niet kunnen in een speeltuin. Een paar jaar geleden was De Roetsj aan renovatie toe. De Speeltuinbende liet toen zien hoe we het konden aanpakken. Ze kwamen testen, zagen wat er al allemaal goed was en vertelden ook wat er beter kon. Minder zand en verharde paden. Kinderen in een rolstoel kunnen daardoor overal komen. Nieuwe toestellen en wat kleine aanpassingen. Een paar simpele handvaten kunnen een speeltoestel veel toegankelijker maken.“

Afhankelijk van het weer en vakanties heeft De Roetsj wekelijks zo’n 650-700 bezoekers. Er zijn di jaar 85 gezinsabonnementen verkocht en er kwamen 14 schoolreisjes. Daarnaast maakt ook de peuterspeelzaal gebruik van de speeltuin.

“Samen spelen is voor kinderen heel vanzelfsprekend,” vertelt Liny. “Regelmatig komt er een blind jongetje in De Roetsj. Hij doet gewoon mee. Ik heb aan wat kinderen gevraagd of ze een beetje op hem wilden letten. Dat was geen punt voor hen. Zo heb je helemaal geen speciale begeleiders nodig.”

Liny Coenen is een van de ambassadeurs Samen Spelen van de NSGK. Zij heeft ervoor gezorgd dat De Roetsj toegankelijk werd. Samen met het team, de gemeente, de NSGK en de sponsoren. Ze is niet alleen pleitbezorger voor toegankelijke speeltuinen: “Onze speeltuin moet open staan voor alle mensen. Ik hoor iedereen klagen over te weinig vrijwilligers. Ook wij hebben te weinig helpende handjes. Misschien zochten wij wel verkeerd. Om in een speeltuin te helpen, hoef je echt niet alles te kunnen. Iemand moet het wel leuk vinden, anders gaat het niet. Mensen verschillen, hebben verschillende mogelijkheden. Wij moeten vooral die mogelijkheden zien. Samen met de gemeente en het RIBW ben ik anders gaan kijken: wat kunnen mensen wel al en wat kunnen wij ze leren? Aan het begin niet te hoge eisen stellen waardoor mensen buiten de boot vallen. En natuurlijk kan het best wel eens fout gaan. Dat zijn leermomenten voor de begeleiders, voor ons en voor de mensen zelf. Misschien is het in het begin wat meer werk, maar uiteindelijk heb je er profijt van. Zorg dat mensen het gevoel krijgen ‘dit is een stukje van mij’.”

“Ik vind dat iedereen mee moet kunnen doen in een speeltuin. Als ik dat vertel loop ik vaak tegen ‘ja-maars’ aan. Dan vertel ik dat wij niet uitgaan van wat onze vrijwilligers zouden ‘moeten’, maar dat we kijken naar wat ze ‘kunnen’ en wat ze leuk vinden. We zoeken samen oplossingen. Zo werkte er een groepje mensen met lichamelijke en verstandelijke beperkingen bij ons. Die konden niet goed tegen de drukte van al die spelende kinderen om hun heen. We hebben toen afgesproken dat ze vóór de officiële openingstijd konden beginnen. Als je in mensen gelooft, dan zijn er kansen genoeg. Via stichting vluchtelingenwerk komen er nu drie mensen met weinig Nederlandse taal bij ons, één keer per week. Een van hen was lastig erbij te betrekken. Deze week was er nieuwe vrijwilliger: een man van 37 met een psychische aandoening. Hij komt twee dagen per week en ik ga hem aanleren om toezicht te houden. Wat bleek? Hij had het vermogen om de vluchteling rustig aan te spreken. Door dingen voor te doen zette hij hem aan het werk. Zijn spontaniteit haalde de asielzoeker uit zijn isolement en deze gaf op zijn beurt de andere man het gevoel dat hij het goed deed.”

“Het gaat met mondjes maat. Stap voor stap. In Nederland zijn er nog veel taboes. Over kinderen met beperkingen, maar ook over vrijwilligers met een beperking. Die taboes moeten we doorbreken. Dat kan. Onze grootste uitdaging is dat we te snel gaan. Je moet niet alles tegelijk willen. Begin voorzichtig, met één persoon. Niet meteen met een grote groep. Als het werkt, zet je de volgende stap. Laat mensen niet te snel aan hun lot over.”

Liny Coenen is voor helderheid: “Meedoen kan niet alleen van onze kant komen. Mensen met een beperking – soms hun begeleiders - moeten zelf ook helder zijn. Zelf zeggen wat ze kunnen en niet kunnen. Wat ze willen en wat ze niet leuk vinden. Aangeven als er te weinig overleg is. Zorg dat er veel ja en win momenten zijn. Wij moeten langzaam opbouwen wat we van ze vragen zodat ze niet telkens tegen hun beperking aanlopen. Wij moeten ook zorgen dat onze vaste vrijwilligers het aankunnen. Let op met wie je ze inroostert. Mijn ervaring is dat als je mensen de kans geeft, dan komen ze graag.”

Op zaterdag 13 september is de Speeltuinbende weer in Sittard. Dan is iedereen welkom bij De Roetsj om de nieuwe aanbouw te bewonderen waar álle kinderen samen kunnen komen. Wilt u bij de opening van De Roetsj aanwezig zijn? Meld u dan aan bij Ilse van der Put, via speeltuinbende@nsgk.nl.

Foto uitbreiding De Roetsj: oplevering opvangruimte

Snel naar